Criteria

Landelijk vastgestelde criteria

Om vast te stellen of een aanvrager in aanmerking komt voor een periodiek voedselpakket hanteert de Voedselbank een aantal criteria die landelijk zijn vastgesteld. Uitgangspunt is het bedrag dat een aanvrager overhoudt als leefgeld. Dat is het bedrag dat men per maand overhoudt na aftrek van vaste lasten als huur, nutsvoorzieningen en eventuele schuldsanering.

Uitgangspunten bij de toekenning van een voedselpakket zijn:

  • Onze hulp is noodhulp en onze pakketten zijn een aanvulling op datgene wat onze klanten zelf kunnen doen.
  • Van onze klanten wordt verwacht, dat zij op enige termijn zullen meewerken aan het vinden van een oplossing voor hun financiële probleem. We noemen dat: “Geen pakket zonder traject”.

De toelatingsnorm is gekoppeld aan de NIBUD bijstandsnorm.

Met ingang van 1 januari 2020 bedraagt het basisbedrag per huishouden € 135,= per maand, vermeerderd met € 95,= per persoon. Het basisbedrag is gebaseerd op kosten die nauwelijks afhankelijk zijn van het aantal personen en die bij aftrek van de uitgaven buiten beschouwing worden gelaten (zoals kosten voor huisdieren, krant, tuin etc.).

In de onderstaande tabel vindt u een overzicht van de bedragen zoals die per 1 januari 2020 gelden.

Kinderen Alleenstaande Echtpaar*
0 € 230,= € 325,=
1 € 325,= € 420,=
2 € 420,= € 515,=
3 € 515,= € 610,=
4 € 610,= € 705,=
5 € 705,= € 800,=

 

Toekenningscriteria per 1 januari 2020 nadere toelichting

Crosslink naar Aanvragen

 

* Naast echtparen komen ook 2 volwassenen die op andere manier samenleven/ de voordeur delen in aanmerking als zij aan de toetsingscriteria voldoen.